Wie iets weet over de herkomst en de geschiedenis van de
Beauceron weet dat onze Beaucerons regelrecht afstammen van de honden
die in de negentiende eeuw, en waarschijnlijk al veel eerder, in gebruik
waren bij de boeren en buitenlui in de streek ten zuiden van Parijs. Een
rijke streek met veel landbouw, veeteelt en heel veel schapenfokkers.
De schapen werden geweid op land waar geen hek omheen stond en moesten
ook telkens van weideplek veranderen. Dit kon alleen met een
schaapherder en zijn honden, maar ook de veeboeren gebruikten honden als
helpers en ook in dit werk waren de Beaucerons bedreven.
Een taak van de Beauceron was dat hij vooral moest leren
zelfstandig op te treden: wat te doen in al die gevallen dat er iets
fout dreigde te gaan en wel zonder commando van de baas! Bijvoorbeeld:
Het stuk land waar de schapen die dag grazen grenst aan een perceel
tarwe, zonder hek ertussen. Bij aankomst loopt de herder met één van de
honden “de grens” en geeft aan dat er geen schaap de tarwe in mag. Deze
hond zorgt er dan voor dat dit niet gebeurt!

Ook een taak van de Beaucerons was het drijven van
vee. In een tijd dat er nog geen gemotoriseerde veewagens waren ging het
vee “op de hoef” in grote kuddes naar de stad. Men kan zich voorstellen
hoeveel dieren nodig waren om aan de behoefte aan vlees te voldoen van
een grote stad als Parijs. Het behoorde tot de speciale talenten van
deze Franse herders dat zij nooit toelieten dat vreemde dieren uit een
andere kudde zich onder hun dieren mengden of dat hun eigen dieren
wegliepen naar een andere kudde. Er werd zeer selectief gefokt op
werkeigenschappen en een hond zonder de juiste aanleg had niet veel
toekomst! Voor het goed functioneren waren ook de juiste bouw, voor een
goed bewegingsmechanisme en een weerbestendige vacht belangrijk dus
daarop werd ook gelet.
Er is veel veranderd in de wereld en in deze tijd is er vrijwel geen
werk meer voor onze Beaucerons. Maar zij weten dat niet. Zij zijn de
directe afstammelingen van die honden van honderd jaar geleden, zij
dragen de genen (de erfelijke eigenschappen) bij zich die ze van hun
voorouders geërfd hebben. Zij hebben dus nog steeds de eigenschappen die
hen geschikt maakten voor moeilijk zelfstandig werk.
Om deze genen te prikkelen hebben wij met Grand
Francois op 3 april (2010) mee gedaan met een
seminar van de Beauceron Vereniging dat werd verzorgt door Piet van Beek
en André Proost. Zij zijn ervaren schapendrijvers met hun Border Collies
en Pyreneese Herders. Tijdens deze leuke workshop waar tien Beaucerons
aan mee hebben gedaan kwamen de drijf-genen weer naar boven. Het was
verbazingwekkend hoe bijna alle honden instinctief wisten hoe ze de
schapen moesten omcirkelen om ze bij elkaar te houden en hoe men ze ook
weer kon groeperen. Het was een zeer leuke kennismaking met deze tak van
hondensport en wij willen zeker dit nog eens herhalen.
Hieronder een kleine foto impressie van
deze leuke (helaas regenachtige) dag:
|